Naast egels op het land, leven er ook in het water egels. Een zee-egel behoort tot de ongewervelde waterdieren. De vorm van een zee-egel is over het algemeen bol. Maar er bestaan ook hartvormig of schijfvormig varianten. Zee-egels hebben een hard pantser bedekt met stekels. De gemiddelde doorsnede van een zee-egel ligt tussen drie en tien centimeter. De grootste zee-egel kent een schaaldoorsnede van 32 centimeter.
Zee-egels leven, zoals de naam al doet vermoeden, in de zee. De stekels van een zee-egel zijn heel scherp. Dit is heel vervelend voor mensen. Het komt regelmatig voor dat iemand met zijn voeten op een zee-egel gaat staan. De puntige stekels boren zo door je huid heen.
Voeding zee-egel
Zee-egels eten algen, kwalpoliepen en in koloniën levende zeescheden. De zee-egel schraapt met zijn tanden levende weefsel van rotsen. De onderwater beestjes hebben vijf uitstekende tandjes waarmee het voedsel los kunnen schuren. De tanden groeien gemiddeld zo’n 1,5 mm per week.
Een zee-egel is ondanks zijn stekels niet geheel zonder vijanden. De zachte binnenkant van sommige egels, wordt door andere bewoners van de zee als een ware lekkernij beschouwd. In sommige gebieden wordt ook door de mens op zee-egels gejaagd.
Voortplanting
Zee-egels hebben maar liefst vijf voortplantingsorganen die sperma of eitjes produceren. De eicellen van het dier worden in het water bevrucht. Wanneer het een succesvol proces betreft, ontstaan er zogenoemde pluteus-larven. Nadat deze larven een aantal keren van gedaante zijn verwisseld, zakken zij naar de zeebodem. Op de bodem van de zee groeien zij uit tot volwassen zee-egels.